Van 3 dagen per week fietsen naar 5 dagen achter elkaar: zo bereid je je voor op een fietsvakantie

Je kent het misschien wel. Je fietst inmiddels regelmatig en drie ritten per week gaan prima. Tussen de trainingen zit meestal een rustdag, soms zelfs twee. Je voelt je fit, je kilometers lopen lekker op en dus lijkt de stap naar een fietsvakantie met vier of vijf dagen achter elkaar fietsen eigenlijk helemaal niet zo groot.
“Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan.”
Pippi Langkous zou het waarschijnlijk precies zo aanpakken. En eerlijk is eerlijk: dat is een prachtig principe. Het zorgt ervoor dat je dingen probeert die je anders misschien nooit zou doen. Een fietsreis door de bergen, een meerdaagse tocht door Frankrijk of vijf dagen fietsen van hotel naar hotel begint tenslotte ook met de gedachte: waarom eigenlijk niet?
Toch zit er één belangrijk verschil tussen denken dat je het kunt en er daadwerkelijk goed op voorbereid zijn. Want vijf dagen fietsen is niet hetzelfde als vijf keer één dag fietsen.
Wanneer je nog twijfelt tussen een volledig zelf georganiseerde reis of ondersteuning onderweg, kan een kijkje bij het artikel over fietsreizen op Cyclosportive Travel helpen. Lees bijvoorbeeld meer over alles wat je moet weten over een fietsreis met CYCLOsportive. Of ontdek de mogelijkheden van de reizen die we helemaal op maat voor je kunnen maken.
Het probleem zit niet in dag één
De eerste dag van je fietsvakantie gaat waarschijnlijk fantastisch. Je bent enthousiast, hebt maanden naar de reis uitgekeken en je benen voelen fris. De omgeving is nieuw, het weer is misschien prachtig en iedere klim voelt als onderdeel van het avontuur. Je rijdt de geplande afstand en komt met een voldaan gevoel bij het hotel aan.
Ook dag twee hoeft geen probleem te zijn. Maar dan begint het verschil tussen een normale fietstrainingsweek en een meerdaagse fietsreis zichtbaar te worden. Normaal gesproken fiets je bijvoorbeeld op maandag, woensdag en zaterdag. Na iedere rit heb je tijd om te herstellen. Een zware training kan worden gevolgd door een rustdag. Eventuele vermoeidheid verdwijnt voordat je opnieuw op de fiets stapt.
Tijdens een fietsvakantie bestaat die luxe niet. Na dag één moet je de volgende ochtend alweer fietsen. Na dag twee volgt dag drie. En wanneer je op dag vier denkt dat je benen toch wel zwaar beginnen te worden, staat er opnieuw een route op het programma.
Je moet dus niet alleen leren fietsen, maar vooral leren fietsen met vermoeide benen.
Lees ook: Doelen stellen voor een Granfondo, zo verbeter jij je prestaties
Je hoeft niet ineens vijf dagen per week te gaan trainen
Dat is misschien het eerste wat je denkt wanneer je dit leest. Als je straks vijf dagen achter elkaar wilt fietsen, moet je dan nu ook vijf dagen achter elkaar op de fiets? Nee.
Je huidige trainingsfrequentie van drie dagen per week kan een prima uitgangspunt zijn. Het gaat er vooral om dat je lichaam geleidelijk went aan het idee dat een inspanning niet altijd gevolgd wordt door een volledige herstelperiode. Daarom is het verstandig om in de voorbereiding af en toe trainingen dichter op elkaar te plannen.
Stel dat je normaal op dinsdag, donderdag en zaterdag fietst. Dan kun je bijvoorbeeld eens een weekend gebruiken om op vrijdag en zaterdag te fietsen. Later maak je daar vrijdag, zaterdag en zondag van. Je hoeft daarbij niet iedere dag een lange of zware rit te maken. Het doel van deze trainingen is juist om te ervaren hoe het voelt om de volgende ochtend op de fiets te stappen terwijl je benen nog niet volledig hersteld zijn. Dat is een heel andere trainingsprikkel dan één lange rit met daarna twee dagen rust.
Train op vermoeide benen, maar maak jezelf niet kapot
Hier zit een belangrijke nuance. Het doel van een meerdaagse fietstraining is niet om jezelf volledig leeg te rijden. Je wilt je lichaam leren omgaan met opeenvolgende inspanningen, niet bewijzen hoeveel pijn je kunt verdragen.
Begin daarom met een relatief eenvoudige combinatie van twee dagen achter elkaar. Houd beide ritten beheersbaar en let vooral op hoe je je op de tweede dag voelt. Gaat dat goed, dan kun je later een derde opeenvolgende fietsdag toevoegen.
Een mooie voorbereiding kan bijvoorbeeld zijn om enkele weken voor je fietsvakantie een weekend van drie dagen te plannen. De eerste dag fiets je een normale duurtraining, de tweede dag iets korter en rustiger en op de derde dag maak je opnieuw een ontspannen rit. Je zult waarschijnlijk merken dat de derde dag anders voelt dan de eerste. Precies dát is waardevolle informatie.
Lees ook: Je wilt in 2027 je doel halen? Waarom jouw voorbereiding vandaag begint
De afstand is niet het enige waar je voor moet trainen
Bij een fietsvakantie kijken we vaak naar kilometers. Misschien staat er een route van 100 kilometer op het programma en denk je: dat heb ik al eens gereden, dus dat moet lukken. Maar afstand vertelt niet het hele verhaal. Een fietsreis van vijf dagen met dagelijks 80 kilometer kan zwaarder zijn dan één losse tocht van 150 kilometer. Niet alleen vanwege de afstand, maar vanwege de opeenstapeling van belasting.
Daar komt ook het terrein bij. Een route met 80 kilometer en 1.500 hoogtemeters vraagt iets anders van je lichaam dan 80 vlakke kilometers. Tel daar bagage, wind, warmte en beperkte hersteltijd bij op en je krijgt een heel ander soort uitdaging.
Kijk daarom bij je voorbereiding niet alleen naar de maximale afstand die je aankunt. Kijk vooral naar de combinatie van afstand, hoogtemeters en opeenvolgende dagen.
De belangrijkste training begint misschien wel na je fietstocht
Als je vijf dagen achter elkaar wilt fietsen, is herstel onderdeel van je voorbereiding. Na een trainingsrit wil je je lichaam voldoende tijd en energie geven om te herstellen. Zeker wanneer je meerdere dagen achter elkaar traint, wordt voeding belangrijker.
Ga niet wachten tot je thuiskomt om iets te eten. Tijdens langere ritten moet je je energie aanvullen, zodat je niet steeds verder in het rood terechtkomt. Na afloop helpt een normale maaltijd met voldoende koolhydraten en eiwitten om het herstel te ondersteunen.
Ook slaap is tijdens een meerdaagse fietsreis geen detail. Een hotelbed lijkt misschien vanzelfsprekend, maar laat naar bed gaan, slecht slapen en de volgende ochtend weer vroeg vertrekken kunnen zich na een paar dagen behoorlijk opstapelen. Je traint dus niet alleen om sterker te worden. Je traint ook om beter te herstellen.
Lees ook: Ik ga op fietsvakantie en neem mee
Wat doe je als dag vier ineens zwaar voelt?
Dit is misschien wel het scenario waar je vooraf het meest rekening mee moet houden. Je bent halverwege de vakantie. De eerste drie dagen zijn goed gegaan, maar bij het ontbijt voelen je benen zwaar. Je weet dat er vandaag opnieuw een stevige route wacht.
Het antwoord is niet automatisch: dan moet ik vandaag harder fietsen om erdoorheen te komen. Juist tijdens een meerdaagse fietsreis is het belangrijk om je inspanning te doseren. De eerste dagen moet je voldoende energie overhouden voor wat nog komt.
Dat betekent dat je niet iedere klim hoeft te racen en dat je niet hoeft te bewijzen dat je iedere dag sneller kunt zijn. Een fietsvakantie is geen wedstrijd. Wie op dag één al rijdt alsof de eindstreep aan het einde van de middag ligt, kan op dag vier de rekening gepresenteerd krijgen.
Bouw je voorbereiding op richting je vakantie
Als je normaal drie keer per week fietst, kun je de voorbereiding stap voor stap opbouwen. In de eerste weken hoef je weinig aan je huidige ritme te veranderen. Zorg vooral dat je regelmatig blijft fietsen en bouw je duurvermogen rustig op. Daarna kun je af en toe twee opeenvolgende dagen plannen. Wanneer dat goed gaat, voeg je een derde dag toe. Je kunt daarbij variëren in afstand en intensiteit, zodat je lichaam leert omgaan met verschillende soorten belasting.
Een paar weken voor vertrek is het waardevol om een echte generale repetitie te doen. Plan bijvoorbeeld drie dagen achter elkaar fietsen en probeer daarbij zoveel mogelijk omstandigheden van je vakantie na te bootsen. Rijd met vergelijkbare afstanden, neem dezelfde soort voeding mee en gebruik eventueel de kleding of fietstassen waarmee je op reis gaat. Dan ontdek je niet pas op dag drie van je vakantie dat je zadel toch niet zo comfortabel is als je dacht.
De beste fietsvakantie is er één waarbij je niet hoeft te overleven
Het mooie van een meerdaagse fietsreis is dat je iedere ochtend opnieuw op de fiets stapt. Je ziet nieuwe landschappen, ontdekt onbekende wegen en beleeft iets wat je met een enkele fietstocht nooit kunt ervaren. Maar daarvoor moet je lichaam wel de kans krijgen om van die dagen te genieten.
Pippi Langkous mag daarom absoluut je inspiratie zijn. “Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan” is een geweldige manier om over de streep te stappen. Maak er alleen een tweede gedachte aan vast: Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik bereid me goed voor.
Want je hoeft niet maandenlang extreem te trainen om vier of vijf dagen achter elkaar te kunnen fietsen. Je moet vooral begrijpen dat meerdaags fietsen iets anders vraagt dan drie losse trainingen per week. Begin daarom niet met harder fietsen. Begin met vaker achter elkaar fietsen.
Dan stap je straks niet alleen vol enthousiasme op de fiets voor je eerste dag, maar heb je ook nog energie over wanneer dag vijf aanbreekt. En dát is uiteindelijk waar een geslaagde fietsvakantie om draait: niet dat je het net hebt gehaald, maar dat je onderweg denkt wanneer mogen we morgen weer?



